De 60-plusmaatregel: gemak met gevolgen
De vereenvoudigde WIA-beoordeling voor 60-plussers werd ingevoerd om een praktisch probleem op te lossen: lange wachttijden bij sociaal-medische beoordelingen. Geen verzekeringsarts meer, sneller duidelijkheid, minder druk op de capaciteit. Voor veel werkgevers en werknemers klonk dat als een opluchting. Maar achter die eenvoud schuilt een ontwikkeling die aandacht verdient.
De maatregel heeft niet geleid tot een golf van nieuwe WIA-aanvragen. Volgens het UWV is de stijging beperkt. Toch is er iets anders aan de hand: het aantal toegekende uitkeringen neemt duidelijk toe. Werknemers die bij een normale beoordeling geen recht zouden hebben, krijgen nu een WGA 80-100-uitkering. Dat biedt zekerheid, maar het verandert ook de prikkel om te blijven werken. En dat zien we terug in de cijfers: minder uren, lager inkomen, minder mensen met werk. Het verschil lijkt klein, maar het is structureel. En in sectoren waar ervaring en continuïteit belangrijk zijn, is dat een signaal dat niet genegeerd mag worden.
Opvallend is dat het effect groeit naarmate de regeling bekender wordt. In de eerste maanden bleef het rustig, later nam het gebruik toe. Dat laat zien hoe beleid gedrag beïnvloedt. Wie eenmaal zekerheid heeft, kiest zelden voor onzekerheid. De vereenvoudigde beoordeling biedt die zekerheid, maar tegen welke prijs? Niet voor de werkgever, die betaalt niets extra, maar voor de organisatie die kennis verliest en voor het systeem dat inzetbaarheid wil bevorderen.
De 60-plusmaatregel is dus geen wondermiddel, maar een tijdelijke oplossing met bijwerkingen. Het verkort wachttijden, ja. Maar het verandert ook de dynamiek op de werkvloer. Minder financiële prikkels om te werken betekent dat het gesprek over passend werk en mobiliteit nog belangrijker wordt. Want als beleid gemak biedt, is het aan organisaties om perspectief te bieden. Niet door te wachten tot iemand uitvalt, maar door vroegtijdig te investeren in wat wél kan.
De vraag is niet of de maatregel blijft, hij is opnieuw ingevoerd voor de duur van twee jaar, maar hoe we voorkomen dat gemak de norm wordt. Want duurzame inzetbaarheid is geen regeling, maar een cultuur.